Een golf die de bergen imiteert
Regen op titanium
Het regende toen we er stonden. De Guggenheim van Frank Gehry opende in 1997 en is bekleed met 33.000 titaniumplaten; op de foto’s is het plein nat en lopen er twee mensen onder een paraplu voorbij.
Op het plein ervoor staat Maman van Louise Bourgeois, negen meter hoge brons uit 2001. Een spin met een zak eieren onder haar buik, bedoeld als eerbetoon aan haar moeder — een weefster.
Honderdvijftig keer dezelfde vrouw
Binnen hangt One Hundred and Fifty Multicolored Marilyns, dat Andy Warhol in 1979 maakte. Ruim tien meter breed — 201 bij 1055 centimeter. Het is dezelfde zeefdruk, honderdvijftig keer naast elkaar, met telkens andere kleuren.
Dat idee — één vast procedé, en variëren binnen dat procedé — hangt hier gewoon aan een muur. Het werk hoort bij Warhols Retrospectives and Reversals, waarin hij zijn eigen oudere beelden opnieuw opneemt en omkeert — vandaar dat deze Marilyns donker en negatief ogen. Herhaling die niet dof wordt.
In hetzelfde museum staat het enige permanente werk: The Matter of Time van Richard Serra, in een galerij van 130 meter. Roestend staal, in spiralen waar je doorheen loopt. Je ziet de vorm nooit in zijn geheel — je moet hem aflopen, net als bij La Tourette.
De toog
’s Avonds natuurwijn in een bar in de stad. Een wand vol flessen met de prijs in krijt op het glas. Je kiest er niet zelf uit: ze vragen wat voor wijn je graag drinkt, en dan komt er een fles die daarbij past — met uitleg erbij.
Twee glazen oranje wijn en een bord pintxos op de toog.
Aan die toog zat iemand die tekende. Terwijl wij dronken, tekende hij ons — twee koppen, aquarel, met “SALUD” en “LET’S ROCK” in tekstballonnen.
En toen kwam er een fles op tafel met een astronaut op het etiket. Petite Folie, een rode uit Spanje: een figuurtje in een rood ruimtepak, met een fles in de ene hand en een glas in de andere. Voor een bureau dat Major Tom heet en zijn systeem Ground Control noemt, is dat geen wijn meer maar een visitekaartje.
De bodega van Calatrava
Twee dagen later reden we de Rioja Alavesa in, naar Bodegas Ysios bij Laguardia — een wijnhuis dat Santiago Calatrava in 2001 bouwde. Twee betonnen draagwanden van 196 meter lang, 26 meter uit elkaar, die in plattegrond én in opstand een golf beschrijven. De zuidgevel is bekleed met horizontale cederlatten die in de waterpartij weerspiegelen als een rij liggende vaten.
Maar het gebouw begrijp je pas van verderop. Die golf is geen gril: hij loopt langs de voet van de Sierra de Cantabria en herhaalt de rug van de bergen erachter.
Dat is dezelfde beweging als bij Le Corbusier, alleen omgekeerd: die mat de mens op, Calatrava meet het landschap op. In beide gevallen komt de vorm ergens vandaan.
Wat we eruit meenamen
Drie gebouwen, drie manieren om hetzelfde te doen. Gehry laat de vorm los en houdt het materiaal vast. Calatrava haalt zijn vorm uit de horizon. Warhol houdt het beeld vast en laat alleen de kleur los.
Dat laatste blijft het langst hangen. Wij bouwen websites, geen gebouwen en geen schilderijen — maar één vast procedé waarbinnen je blijft variëren zonder dat het dof wordt, dat is precies het probleem waar wij elke dag mee zitten.